Victoria’s Secret Fashion Show: Love It + Hate it

angel_wings_by_exarune_projekts-d34vsuy

Bijna net zo iconisch als de openingsceremonie van de Olympische Spelen, net niet zo veel bekeken als het Eurovisiesongfestival. Afgelopen donderdag was het tijd voor het lingeriespektakel van het jaar, de Victoria’s Secret fashion show. Ik zet voor twee dingen een stuk in de nacht mijn wekker. De Oscaruitreiking die mij dit jaar gegarandeerd een hartaanval gaat bezorgen en de VS (ik kort vanaf nu af zoals een echte pro) show. Mensen die mij een beetje kennen weten dat ik nét niet geobsedeerd ben door het merk. Mijn collectie VS goodies (inclusief enthousiasme) zou niet misstaan in een documentaire van Louis Theroux.

Een ‘congratulations sweetie’ zetten op het Instagram-account van het model dat de Fantasy Bra mag dragen (ik klink echt als een psychopaat) ,lingerie (duh),  sleutelhangers, T-shirts, pyjama’s en een aanbod beautyproducten waar de gemiddelde parfumerie-mederwerker steil van achterover zou vallen, ik heb het allemaal. Het spreekt dus voor zich dat ik vol spanning zit te wachten op de eerste beelden van al die glinsterende amazones en angels. Het stuk dat ik 45 minuten zit te vloeken omdat het uitzendschema niet beschikbaar is in België en dus genoegen moet nemen met crappy beeldkwaliteit en Chinese muziek op de achtergrond, laten we achterwege. De outfits, de muziek en het hele circus rond de show…I love it.

Toch betrap ik mezelf elke keer op een ritueel. Tussen al die vrouwen met perfecte afmetingen die ontworpen lijken te zijn door Leonardo da Vinci himself, begin ik te zoeken naar een model dat MIN OF MEER vergelijkbaar is met mijn eigen lijf. Ik benadruk ‘min of meer’ want let’s be honest here. Met mijn lengte kom ik waarschijnlijk tot hun ranke elleboogjes. Slechts één model bij wie ik dacht ‘als ik mijn best doe, zou het lukken om er zo uit te zien’. Barbara Palvin MOCHT na enkele jaren opnieuw haar prachtige gezicht laten zien op de catwalk. De jaren voordien werd ze als ‘te dik’ bestempeld. Barbara gaf een dikke middelvinger en that’s that.

Begrijp me niet verkeerd, het laatste wat ik wil is body shaming promoten in al zijn mogelijke vormen. Deze modellen trainen zichzelf suf en slagen er in om er toch nog gelukkig uit te zien. Het is hun schuld niet dat ze toevallig geboren zijn met picture perfect smoeltjes. Laten we ook hen (en Moeder Natuur ) een dik applaus geven. En toch knaagt er iets wanneer ik jaarlijks uitgezakt achter mijn laptop zit in een onesie en een zak letterkoekjes. 365 dagen per jaar zit ik te scanderen dat elke vrouw mooi is op haar eigen manier, dat photoshop de antichrist is en dat je er alleen goed moet uitzien voor jezelf. Van een dubbel gevoel gesproken. Wil ik echt geassocieerd worden met een merk dat openlijk transgender modellen bant of zegt dat plussize ‘niet goed is voor de marketing’. Ik ben er nog niet helemaal uit. In de tussentijd, je kan me terugvinden op de crosstrainer. Of onder die doos donuts, dat kan ook.

 

 

 

 

 

 

Advertenties

To write or not to write

gtt

Feit: iedereen heeft zijn/haar eigen boek. Van de zoveelste health-freak tot zelfverklaarde fashionista, iedereen krijgt een eigen standje (en signeersessie!) op de boekenbeurs. Blijkbaar is het enorm makkelijk geworden om je eigen boek uit te brengen, dus waarom zou ik dat niet doen/willen/kunnen? De gedachte van een eigen boek speelt al enkele jaren (twijfel? ik?) door mijn hoofd en misschien is dit wel het moment in mijn leven waarin ik moet zeggen ‘fuck it, ik doe het gewoon’.

Vanwaar de pretentie dat ik ook maar een beetje verschil van alle andere “schrijvers”? Blame it on the zodiac. Ik heb een onweerstaanbare drang om te denken “wat hij/zij kan, kan ik ook” (en misschien wel beter muahaha). Tweede reden om te zeggen ‘ik doe het’: mijn omgeving. Bij elke redevoering/vloeksessie hoor ik de sussende woorden ‘schrijf eens gewoon een boek jong”. Dus misschien. Ik heb geen ambitie om de volgende 1/2 Nicci French te worden of om een zitje te veroveren naast Patrick Lagrou. Ik wil schrijven over echte, herkenbare dingen van een jonge vrouw. Van het erbarmelijke aanbod stabiele mannen tot die nachten waarbij je denkt dat je keukentapijt je dekbed is (don’t give me that look). Ik zal alvast beginnen met een extra lading notitieboekjes?

 

 

Tip: Life Honestly – The Pool

Schermafbeelding 2018-10-23 om 14.58.31

Een good old feministisch boek vol stof tot nadenken, meer moet dat soms niet zijn. ‘Life Honestly’, de titel zegt het zelf, gaat over alle aspecten van het vrouw-zijn. Van de eerste crisis in een pashokje met oerslechte belichting tot waarom het zo belangrijk is om jezelf op de eerste plek te zetten (op alle gebied). Voor jezelf opkomen en not taking any shit, dit boek staat er vol van. Na het lezen van deze vrouwenbijbel gaat er slechts één gedachte door je heen: this girl is on fire.

Love Letter To London

photo-1513635269975-59663e0ac1ad

Iedereen die mij ook maar een beetje kent, weet dat ik een rasechte Anglofiel ben. Niet omdat het als een duur woord klinkt of omdat ik obsessief bezig ben met het verzamelen van spulletjes in de Britse driekleur. Helemaal niet. Toen ik zoveel jaar geleden (toen ik jammer genoeg nog zonder frou frou door het leven ging) voet aan St.Pancras station zette, wist ik het. Dit is mijn plek. Waarom? Ga even zitten en have yourself a cup of tea.

Eerst en vooral (en niet onbelangrijk) de mensen. Ongelooflijk druk, maar toch heb ik mij geen enkele keer gestoord aan de hectische pendelaars. Groot verschil met de Antwerpse Meir of stationsbuurt waar iedereen er een sport van maakt om zoveel mogelijk mensen omver te lopen (inclusief vuile blik). De instelling van de Britse medemens viel me meteen op. Altijd even beleefd (‘can I help you love’ in plaats van een ‘bitch wa zoekt gij’ helpt natuurlijk) en niets is te veel gevraagd. Al moeten ze hun hele databundel opgebruiken, als jij wil weten waar dat ene theehuisje is, dan zoeken ze mee. Op je bestemming geraken is niet te vergelijken. Al zwetend en zwaar geïrriteerd een half uur te laat arriveren op je brunch? Geen last van. Elke twee minuten (TWEE) komt er een nieuwe metro aangeraasd. De lichtjes onverstaanbare stem die de volgende halte aankondigt neem ik er graag bij. Alles is beter dan “de tram gaat niet verder dan dit hellegat, je moet de pendelbus nemen die om de 50 minuten komt”. Really?

Next: het eten. Eerlijk is eerlijk, ik steek ook af en toe een lekker rijsttaartje gretig binnen. Maar ik compenseer graag. Een (lekkere!) vegan/vegetarische keuken binnen handbereik, zelfs take-away? Check! Als je hier om een vegetarische optie vraagt bekijken ze je als iemand die elke ochtend enkele kristallen door haar smoothie draait. Resultaat: een trieste vegetarische lasagna (again). Londen begrijpt mijn liefde voor à volonté buffetten maar al te goed en tovert gewoon een volledig vegan zaak, pal in het midden van de winkelstraten. Fuck yes.

Last but not least: het gevoel. Het valt bijna niet te beschrijven, maar ik lijk wel getrouwd te zijn met Londen en Antwerpen is mijn knappe aanbidder. Leuk voor even, maar niets zo goed als een mentaal gezonde man met een goed karakter, toch? Nee, het is geen fase. Nee, ik ben niet enkel fan omdat de kledingrekken in de winkels toevallig volhangen met alles wat ik graag draag. “Wacht maar tot de Brexit, dan zal je anders jengelen” of “maar je kent daar niemand”, nog zo’n klassiekers. I mean business. Nog één opmerking die mijn droom weglacht of minimaliseert en je kan je tanden in een zakje naar huis dragen. In de tussentijd, see you soon dear.